Mycotoxinen vormen een blijvende uitdaging binnen de dierlijke productieketen. Ze zijn schadelijk voor diergezondheid en prestaties en kunnen leiden tot aanzienlijke economische verliezen. Wat deze problematiek extra complex maakt, is dat mycotoxinen grotendeels al in het veld ontstaan en sterk afhankelijk zijn van weersomstandigheden tijdens kritische groeifasen van gewassen.
Juist daarom is vroegtijdige analyse essentieel. In de praktijk worden mycotoxinen vaak pas ontdekt wanneer grondstoffen al binnen zijn en verwerkt worden. Op dat moment zijn de mogelijkheden om bij te sturen beperkt en zijn negatieve effecten zoals verminderde dierprestaties of gezondheidsproblemen vaak al zichtbaar. Door eerder inzicht te hebben in het risico, kunnen problemen juist worden voorkomen in plaats van achteraf opgelost.
Deze noodzaak is extra actueel in deze periode: er worden momenteel veel granen geoogst en nieuwe partijen komen de keten binnen. In deze fase worden verschillen die in het veld zijn ontstaan zichtbaar in de praktijk. Vroegtijdig inzicht en gerichte analyse helpen om hier tijdig op in te spelen en beter overzicht te houden.
 
Waarom deze tool?
Om dit te ondersteunen, introduceren wij de Mycotoxin Prediction Tool. Met deze tool zetten we een belangrijke stap van reactief naar proactief risicobeheer. Waar inzichten traditioneel pas na de oogst beschikbaar kwamen, maakt deze tool het mogelijk om al vóór de oogst een inschatting te maken van het mycotoxinerisico.
Dit helpt bij het nemen van betere beslissingen rondom grondstofaankoop, risicomanagement en monitoringstrategie.
 
Hoe werkt het?
De Prediction Tool combineert verschillende databronnen, zoals historische en actuele weersgegevens, gewasstadia en uitgebreide datasets over het voorkomen van mycotoxinen. Op basis van wetenschappelijk gevalideerde modellen wordt een risicoscore berekend: de kans dat een bepaalde mycotoxineconcentratie boven een kritische drempel uitkomt.
Dit geeft inzicht in waar en wanneer risico’s het grootst zijn – nog vóórdat de oogst binnenkomt.
 
Resultaten Nederland – oogst 2026
De eerste resultaten laten zien dat risico’s sterk verschillen per gewas én per regio.
 
Tarwe: gematigd, maar duidelijke regionale verschillen
 
Voor tarwe varieert het DON-risico van ongeveer 27% tot 58%, met duidelijke regionale spreiding:
  • Lager risico in Drenthe (~27%)
  • Middelmatig in Flevoland, Friesland en Groningen (~40–45%)
  • Hoger in Gelderland (57%) en Utrecht (58%)
Zearalenon blijft in alle regio’s relatief laag (circa 4–9%).
Dit betekent dat het risico afhankelijk van herkomst aanzienlijk kan verschillen en actief gestuurd moet worden.
 
Maïs: hoog risico met sterke regionale pieken
In maïs zijn de verschillen nog duidelijker en de risico’s hoger:
  • Ongeveer 41% DON-risico in Drenthe
  • Oplopend naar 60–75% in Flevoland en Utrecht
  • Tot 83–90% in Zuid- en Oost-Nederland (o.a. Gelderland, Limburg, Overijssel)
Zearalenon ligt tussen circa 30% en 50%, terwijl fumonisinen en aflatoxinen relatief laag blijven.
 
In sommige regio’s betekent dit dat bijna 9 van de 10 partijen maïs een verhoogd risico heeft.
 
Conclusie
Met de Mycotoxin Prediction Tool krijgen we niet alleen meer inzicht, maar vooral een voorsprong. Juist in deze periode waarin nieuwe oogstpartijen binnenkomen, maakt vroegtijdig inzicht het verschil tussen voorkomen en genezen.
 
Door data, wetenschap en praktijk te combineren, kunnen we risico’s eerder signaleren, gerichter handelen en bijdragen aan gezondere dieren en een beter beheersbare keten